Janvière
21 February 2024
Léandre - (c) Bryapro

Janvière woont al 22 jaar in België waarvan 10 in Brussel. Ze kwam hier als 17-jarige aan uit Rwanda in een tijd waarin het als minderjarige “gemakkelijk was om de status van politiek vluchteling te krijgen”. Haar familie vluchtte na de genocide en de oorlog eerst naar het oosten van Congo (het vroegere Zaïre). Daarna, toen het land helemaal onstabiel werd, vertrok ze naar Kenia, waar haar ouders en hun kroost besloten te blijven. “Ik wil ook even stilstaan bij de slachtoffers in het oosten van Congo die nog steeds wreedheden ondergaan.”

Janvière studeerde alleen in Brussel. Ze is nu 39, is bankanalist en woont met haar man in Anderlecht. Een van haar broers woont in Antwerpen, een andere in Luik en haar zus is neergestreken in Gent. Het leukste aan de hoofdstad vindt ze “de dynamiek, de sfeer en de diversiteit”. Ze is nieuwsgierig van aard en zet zich in haar dagelijkse leven sowieso al in op sociaal vlak (ze is vrijwilligster en geeft bijles aan kinderen uit de Centraal-Afrikaanse gemeenschap) dus ze stemde er meteen mee in om deel te nemen aan de Burgerraad voor het klimaat: “Ik zag het als een kans”. Voeding was sowieso al een onderwerp dat haar na aan het hart ligt, maar ontdekken hoe groot de impact ervan op het milieu werkelijk is “choqueerde haar”. De onrechtstreekse financiële kosten van junkfood voor de regering vanwege de negatieve effecten op de gezondheid hadden hetzelfde effect op haar.

Janvière was aangenaam verrast door de aanpak. Ze waardeerde het “wederzijdse respect, hoe er met elkaar werd gesproken en hoe open men stond voor dialoog: niemand was wantrouwig of gesloten”. En wat vond ze van het burgeradvies? “We hebben het beste van onszelf gegeven, we hebben openhartig gesproken”. Wel geeft ze aan dat er “te weinig tijd” was, waardoor ze zich in bepaalde voorstellen niet konden verdiepen en waardoor er “minder ruimte voor creativiteit” was.

Om het avontuur langer te laten duren en ervoor te zorgen dat de aanbevelingen van de burgers (al dan niet positieve) antwoorden krijgen, maakt Janvière samen met negen andere collega’s deel uit van het opvolgingscomité. Ze ziet zichzelf als een “woordvoerster” voor de leden van de Raad: “We moeten ons nu richten op de resultaten”. Ideeën? Janvière bruist van de ideeën en is al aan het bedenken wie geïnteresseerd zou kunnen zijn in de verschillende maatregelen, zoals de schepen die verantwoordelijk is voor openbare kantines die ze heeft ontmoet op de dag dat het advies werd ingediend bij de regering.

Wanneer ik haar naar een anekdote vraag, glimlacht ze en begint ze te vertellen over een werksessie in een kleine groep. Aan het einde van de workshop vroeg de animator, omdat ze in tijdsnood zaten, om de resultaten van het gesprek in te leveren. Daarop besloot één van de deelnemers om de notulen alleen op te stellen. De anderen waren het daar niet mee eens en stonden erop om dat samen te doen op basis van wat er gezamenlijk was besloten. “Ik dacht dat hij daar lastig over zou doen, maar hij bedankte ons gewoon voor het feit dat we hem eraan herinnerden dat we als een team werken”. Ook dat is waar de Raad om draait.