Cyclus

Ontdek de verschillende cycli
en thema’s van de Algemene Vergadering

“Het is belangrijk om aan burgerparticipatie te doen over vragen in verband met het klimaat, want ik maak me zorgen voor mijn kleinkinderen: de ernstigste gevolgen van de klimaatverandering zullen zich in de nabije toekomst voordoen.”

Frederic

Cyclus 1: wonen

De deelnemer·neemster·s van de Burgerraad hebben hun advies overhandigd aan de Regering – een beargumenteerd antwoord op de vraag die hen was gesteld door de regering – :
Hoe kunnen we in de stad wonen om de klimaatuitdagingen tegen 2050 het hoofd te bieden?
Welke maatregelen kunnen er genomen worden om te komen tot een leefomgeving in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest die het leefmilieu respecteert en kwaliteitsvol en betaalbaar is?

Na vijf dagen intensief werk, hebben de burgers drie grote prioriteiten bepaald voor de stad van morgen: de eerste is ‘Anders wonen’.
Deze eerste prioriteit getuigt van de wil om het evenwicht te behouden tussen woningen, de natuur en zet in op de uitdaging om ervoor te zorgen dat eigenaars en burgers soberder handelen. Het doel is ruimtes, en de verschillende manieren waarop deze gebruikt worden, gemeenschappelijk te maken, collectieve woonvormen aan te moedigen, het delen van voorzieningen te  bevorderen om het verbruik en de kostprijs ervan beperken. Het gaat onder meer ook over het zorgen voor de reconversie van gebouwen om de ecologische kostprijs van een afbraak of een grootschalige renovatie te vermijden.

De tweede prioriteit ‘Renoveren in een geest van sociale rechtvaardigheid’ heeft als doel de inspanningen en lasten beter te spreiden over de grote en kleine eigenaars, over verhuurders van sociale woningen en alle andere huurders, zodat alle woningen kunnen worden aangepast via een energierenovatie die in overeenstemming is met de klimaatuitdagingen van de toekomst.

Dit gaat samen met het begeleiden van de transitie van de bouwsector, een sector die sterk bijdraagt aan de uitstoot van broeikasgassen, en met het aanzetten tot ecologisch verantwoord gedrag, zodat de volledige bevolking, in de mate waarin iedereen dit kan, kan deelnemen aan deze collectieve inspanning.

Ten slotte is de laatste prioriteit, ‘Vergroenen om beter in de stad te leven’, ook een kwestie van gelijkheid en opnieuw in evenwicht brengen.
Brussel mag dan wel een redelijk groene stad zijn, maar de natuur is slecht verdeeld. Dit onderwerp is grondig besproken en de burgers gekozen ervoor om, ondanks de woningcrisis, de natuur voorrang te geven op de bouw van nieuwe gebouwen. Wat al bestaat aangenaam maken, maar ook overal in de stad gezelligheid creëren, is essentieel om goed te leven.
Ook Brussel zoveel mogelijk ontharden is een must. Maar opgelet, natuur betekent niet in toom gehouden natuur. Het gaat over de ruimte teruggeven aan de natuur in de stad om een rijke biodiversiteit te bevorderen die nodig is voor de bescherming van fauna en flora.

De Raad wees ook op het belang van bewustmaking, onderwijs en het opleiden van de bevolking (bijvoorbeeld door een niet-verplichte burgerdienst voor het klimaat voor te stellen), onderwijsprogramma’s aan te bieden vanaf de kleuterschool om zo de jongste kinderen bewust te maken van de klimaatuitdaging.
Ook benadrukte de Raad het nut van vertegenwoordigers en ambtenaren opleiden over klimaatverandering en de invloed ervan op hun werkterrein. 

Wil je meer weten over het thema en het werk van deze eerste cyclus?

Cyclus 2: Voeding

Het thema van de 2de cyclus van de Burgerraad voor het klimaat concentreert zich op volgende vraag:

Hoe zorgen we ervoor dat alle Brusselaars kunnen overschakelen naar een meer duurzame en kwalitatieve voeding tegen 2050?

Wat hebben jullie als Brusselaars nodig om het voedingssysteem van morgen te veranderen?

Wat verwachten jullie van de overheid, de private sector en de samenleving in het algemeen om jullie hierbij te helpen?

De uitstoot van broeikasgassen in verband met voedingssystemen zijn op wereldwijd niveau verantwoordelijk voor een kwart tot een derde (21% à 37%!)  van de totale uitstoot van de broeikasgassen (IPCC, 2019).

 

In Brussel is de voedingssector verantwoordelijk voor 15% van de onrechtstreekse uitstoot (met andere woorden de uitstoot die buiten Brussel ontstaat, maar die nodig is voor Brussel).
In het geval van voeding gaat dat over het transport in verband met de import en export van voeding of intensieve productiesystemen … Om die impact te beperken moet ons voedingsconsumptiesysteem worden aangepast en moet onze voeding duurzamer worden.

Als we het Brusselse voedingssysteem toonaangevend willen maken, houdt dit dus in dat we onze manier van consumeren, maar ook heel de productieketen zullen moeten herzien.
Zowel de private sector, de openbare sector als de burgers hebben allemaal een rol te vervullen in deze transitie.